In de schijnwerpers
Corrie Spelbrink, vierde generatie op de kermis
In Assen woont een man die zijn hele leven op de kermis heeft doorgebracht, net als zijn vader, zijn grootvader en diens vader voor hem. Corrie Spelbrink vertelde zijn verhaal in de podcast Kermis Iconen. Wij lichtten er de mooiste stukjes uit, en ontdekten dat zijn familie ook in ons eigen archief staat.
Een naam die via de liefde op de kermis kwam
De naam Spelbrink staat pas op de kermis sinds er verkering ontstond, vertelt Corrie. Zijn overgrootmoeder stond te kassieren op de draaimolen van "Zwarte Michiel" Hendriks in Nieuwe Pekela, toen daar een knappe vent langsliep: Nicolaas Spelbrink. Ze trouwden, en zo reisde de naam mee de kermis op. Corrie is inmiddels de derde generatie Spelbrink, zijn kleinzoon Levi de vijfde in de lijn. Via zijn moeder, een Sipkema, loopt er nog een tweede oude kermislijn door de familie.
De draaimolen van Rolde, al meer dan een eeuw
Elk jaar in september staat de familie op de paardenmarkt van Rolde, al meer dan honderd jaar onafgebroken. De draaimolen die daar draait, werd ooit gebouwd bij Friedrich Heyn in het Duitse Neustadt an der Orla, een van de beroemdste carrouselbouwers van rond 1900. Oorspronkelijk was het een gewone draaimolen, later werd er een zweefmolen van gemaakt, en Corrie bouwde hem naderhand weer terug tot draaimolen. Hetzelfde toestel, drie gedaanten, één familie.
Vergeten kermistechniek
In het gesprek komen woorden voorbij die zelfs de jonge mensen achter de camera niet meer kenden. Zoals de weerstand: de manier waarop een ouderwetse molen op gang kwam. In een waterbak zat een deksel met puntige platen. Liet je dat langzaam in het water zakken, dan trok de motor geleidelijk aan en begon de molen eerst heel traag, daarna steeds sneller te draaien. Hoe dieper de platen in het water, hoe groter het spanningsveld.
En dan was er het paard in de molen. Voordat er motoren waren, draaide een carrousel op paardenkracht: twee paarden, om de twee uur wisselen, twee uur werken en twee uur rust. Een goed paard betekende een goede kermis. De onderlinge concurrentie kon zo hard zijn, vertelt Corrie, dat er weleens een emmer suiker in de waterbak van een collega belandde of erger.
Een attractie die je niet meer ziet: de luchtschommel
Corrie's grootvader reisde met de luchtschommel. Dat waren bootjes waarin je zelf zo hard heen en weer moest zwaaien dat je met de punt het dakzeil raakte. Op de Nederlandse kermis is de luchtschommel al zo'n vijftig jaar zo goed als verdwenen; hooguit op een enkel festival duikt er nog een oude op. Voor veel oudere bezoekers is het een naam die meteen herinneringen oproept.
Wat Corrie vertelt, staat bij ons op papier
Het bijzondere: de families uit dit verhaal komen ook voor in ons eigen kermisarchief. In een kasboek uit 1974 staat een Spelbrink met een vliegtuigmolen in Naaldwijk, precies zo'n toestel als Corrie noemt ooit gehad te hebben. De familie Sipkema, de lijn van zijn moeder, vinden we terug van 1974 tot in de kermissen van vandaag. Waar de podcast het mondelinge verhaal bewaart, bewaart onze database het bewijs op papier: dezelfde namen, ruim vijftig jaar lang, van generatie op generatie.
Luister de hele aflevering
Dit is maar een handvol verhalen uit een gesprek van meer dan een uur. De hele aflevering met Corrie Spelbrink, en de andere afleveringen met kermisiconen, vind je in de podcast Kermis Iconen van de BOVAK.
Bekijk de aflevering op YouTube → Naar het kanaal Kermis Iconen
Verhalen en citaten uit de podcast Kermis Iconen, een initiatief van de BOVAK. Kermis.nl heeft de inhoud in eigen woorden samengevat en vult die aan met gegevens uit het eigen kermisarchief.